Zonde van de tijd

Via een bericht van het radioprogramma Noorderlicht hoorde ik van de rede van Lex Borghans. Hij heeft de rede op 1 december 2006 uitgesproken bij de aanvaarding van het ambt van hoogleraar Arbeidseconomie en Sociaal Beleid aan de Faculteit der Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde van de universiteit Maastricht. Ik wilde na het bericht meer weten over de denkbeelden en het achterliggende onderzoek van Borghans. Op internet werd de mogelijkheid geboden om de hele rede per e-mail te ontvangen. Een dag later had ik de volledige tekst en een mailtje van de kersverse hoogleraar. Klik hier om de hele oratie te lezen. Ik heb de rede gelezen en was daarna een beetje teleurgesteld. Het achterliggende onderzoek levert geen echte verrassende gegevens op. En de hoogleraar slaagt er wat mij betreft niet in een overtuigende analyse te geven. En de rede biedt geen aanknopingspunten voor verbeterslagen voor de dagelijkse onderwijspraktijk. Wel ondersteun ik graag zijn pleidooi voor systematisch longitudinaal onderzoek. Het door de hoogleraar geconstateerde gebrek aan gegevens op basis van langjarig onderzoek weerhoudt de hoogleraar er niet van uitspraken te doen die eigenlijk alleen gedaan kunnen worden op basis van langjarig onderzoek!

Conclusies van Lex Borghans

  1. De belangrijkste kennis dient zo vroeg mogelijk te worden vergaard.
  2. Scholen en studenten benutten hun tijd niet effectief genoeg.
  3. Een beperking van keuzevrijheid en goede studie- en beroepskeuzevoorlichting kan onnodig tijdsverlies voorkomen.
  4. Als iedereen gemiddeld een jaar korter zou kunnen studeren met hetzelfde eindresultaat zou ons nationaal inkomen met meer dan 2,5% omhoog gaan.
  5. Jong leren heeft een langere terugverdientijd.
  6. Veel groepsbijeenkomsten als alternatief voor traditioneel frontaal lesgeven levert het ‘free-rider’ probleem op.
  7. Het leerrechtenstelsel is te sterk gebaseerd op de veronderstelling dat studenten in staat zijn hun onderwijs verstandige investeringsbeslissingen te nemen. Jongeren kunnen dat niet.
  8. Het arbeidsaanbod kan fors verhoogd worden door minder studietijdverspilling
  9. Klassikaal onderwijs is de meest efficiënte onderwijsvorm en natuurlijk leren is inefficiënt leren.

Uitwerking van de punten en commentaar:

  1. De hoogleraar zegt: ‘Als kinderen eerder beginnen met leren lezen en schrijven steken ze minder op. Vele jaren later is het verschil nog merkbaar. Toch hoeft dit voor hen geen nadeel te zijn. Doordat ze eerder begonnen zijn, zijn ze ook eerder klaar en kunnen ze dus eerder gaan werken of langer doorstuderen’. Zouden kinderen op de basisschool eerder met Engels beginnen, dan gaat dat ten koste van iets anders. Ook al zou het eerste jaar Engels op 5-jarige leeftijd minder effectief zijn dan als het kind het eerste jaar Engels vanaf het zesde jaar zou volgen is er sprake van een langere periode dat er genoten kan worden van de investering, aldus Borghans. Als er op het vijfde jaar iets anders zou worden geleerd waar het kind op dat moment de goede leeftijd voor heeft dan is het totale rendement voor dit kind veel hoger.
  2. Op basis van een onderzoek op één basisschool wordt geconcludeerd dat 18% van de tijdsinvestering niet conform de lestabel gegeven wordt. Als de gespaarde tijd anderszins nuttig is besteed, is er in het geheel genomen niets aan de hand. Daar komt bij: wie zegt mij dat de verdeling van uren op de lestabel een verstandige indeling was? Borghans vindt dat er teveel aandacht besteed wordt aan gezelligheid op de school. Een goede onderbouwing daarvan ontbreekt volledig.
  3. Een goed toekomstbeeld leidt tot harder studeren en voorkomt studiewisselingen. Het is logisch dat studenten die precies weten wat ze willen dat ze minder snel van studie zullen wisselen. Studenten die dat nog niet weten zullen een studie sneller inruilen voor een andere als de studie tegenvalt. Goede voorlichting kan studenten helpen om een goed beeld te krijgen van de mogelijke banen met de studie, welke onderdelen er in de studie zitten en wat goed studeren betekent. Ik dacht dat zo langzamerhand wel gebeurde op HBO instellingen en universiteiten.
  4. Als jonge mensen in een kortere tijd de studie afronden op hetzelfde niveau als nu is de kans groot dat er een leuk jaar buitenland ingelast wordt alvorens men zich aandient op de arbeidsmarkt of dat er nog een kopcursus wordt gevolgd. Kortom leuke berekening, maar een schijnwinst!
  5. Borghans heeft het niet zo op met ‘levenslang leren’. Hij vindt het leren op latere leeftijd niet zo nuttig vanwege de kortere periode dat er genoten kan worden van de investering. Dit is een uiterste beperkte zienswijze. Als iemand heel vroeg iets geleerd heeft en daar vervolgens niets mee doet dan is die investering toch niet ‘nuttiger’ dan een cursus leidinggeven van een manager van 45 jaar die een belangrijke leidinggevende functie aanvaard in zijn bedrijf?
  6. Hier ben ik het erg eens met de hoogleraar. Er wordt teveel groepswerk opgedragen met als gevolg verschuilen achter de ander of zo slim mogelijk taken verdelen. De groepsleden doen dan allemaal een deeltje. Het grote geheel gaat verloren.
  7. Veel jonge mensen hebben moeite om op vroege leeftijd een goede keuze te maken. Dat is waar. Als antwoord daarop moeten scholen een breed aanbod doen en programma’s aanbieden dat keuzes openlaat en vooral niet te vroeg wegen afsluit. Waarom moet iemand met een vmbo diploma op 15-jarige een keuze maken voor een sector en moet hij of zij een heleboel andere mogelijkheden dan afsluiten? Toch zorgen leerrechten ertoe dat scholen zich richten op wat leerlingen willen. En dan komt er automatisch een aanbod voor leerlingen die het nog niet precies weten, maar geen tijd willen verknallen. Voor hen komt een aanbod van een brede basisopleiding. Leerrechten dwingen scholen zich te profileren met inhoudelijke programma’s en pedagogische aanpakken.
  8. Als er minder studieverspilling zou zijn, kunnen studenten sneller naar de arbeidsmarkt. Het is echter maar zeer de vraag of dat gebeurt. Als je heel jong je studie afgerond hebt, ga je dan direct de arbeidsmarkt op? Of ga je dan nog een studie doen of een jaar iets anders leuks doen?
  9. Op basis van diverse studies over ‘natuurlijk leren’ (o.a. rede van dr. Van der Werf oer het studiehuis) deel ik de scepsis van deze aanpak. En ik deel tevens de opvatting van Borghans dat klassikaal lesgeven uiterst efficiënt is. Op basis van mijn eigen onderwijservaring trek ik de conclusie dat de mix van klassikaal lesgeven, groepwerk en het onderwijsleergesprek een succesvolle combinatie is. De afkeer tegen het klassikaal lesgeven in de afgelopen jaren is volstrekt onterecht. Dat geldt ook voor de eveneens overdreven voorkeur voor groepswerk en leren in de praktijk. De financiële voordelen van die methoden zijn voor mij veel te verdacht.

Toen ik over de publicatie hoorde op de radio en ik de rede las hoopte ik op meer verrassende uitkomsten van onderzoek of interessante nieuwe inzichten. Dat is helaas niet het geval. Ik ben voor de toekomst wel erg benieuwd naar de uitkomsten van het langjarig onderzoek.

5 januari 2007

Terug naar top