Taal, taal, taal (12 maart 2000)

Vrijdag 10 maart was ik de gast van de afdeling educatie van het Noorderpoort College in Hoogezand en Leek. Ik was daar uit mijn hoedanigheid als voorzitter van het RCG-overleg van de onderwijswethouders van de gemeenten Groningen, Hoogezand, Leek, Marum, Zuidhorn, Grootegast, Slochteren en Haren. In mijn gezelschap waren de wethouders van de beide gemeenten, onderwijsambtenaren en de secretaris volwasseneducatie van de regio.

Afstemming van vraag en aanbod

De regio krijgt geld van het Rijk voor volwasseneducatie. Tot voor kort beperkte zich de taak van de gemeenten tot 'doorgeefluik' van rijksgeld naar onderwijsinstellingen. Dat is ingrijpend veranderd. De gemeenten moeten een vraag naar educatie formuleren om vervolgens educatie in te kopen bij de twee ROC's (Regionale Opleidings Centra): het Alfa College en het Noorderpoort College. De gemeenten hebben wel de plicht het geld bij de ROC's te besteden. Daarmee is enige vastigheid verzekerd aan de ROC's.
De vraag van de gemeenten aan de ROC's zal steeds meer afgestemd worden op het eigen gemeentelijke beleid. Te denken valt aan onderwijsachterstandenbeleid, maar ook aan arbeidsmarktbeleid, jeugdbeleid en welzijnswerk. De gemeenten moeten nagaan in hoeverre educatie een rol kan spelen bij het gemeentelijk beleid. De acht gemeenten hebben allochtonen, herintredende vrouwen, analfabeten en langdurig werklozen als voorname doelgroepen bepaald.

Informatie halen in het werkveld

Nadat ik een tijdje bezig ben geweest met de volwasseneducatie ontstond er bij mij een sterke behoefte om te spreken met cursisten, docenten en directies op de plaats waar het moet gebeuren: op de scholen. Mijn eerste bezoek was in Hoogezand en Leek.

Inburgeringscontract

Iedere nieuwkomer moet een inburgeringscontract tekenen. Dat contract bestaat uit twee componenten. Een educatiedeel en een deel sociaal maatschappelijke begeleiding. In het educatiedeel zit een financiële ondersteuning voor 600 uur Nederlandse les. Dat komt neer op één jaar lang 5 keer in de week 2,5 uur les. Voor sommige nieuwkomers is dit genoeg maar voor anderen veel te weinig. Het grootste probleem is dat het geleerde te weinig wordt ingebed. Met andere woorden als er alleen Nederlands gesproken wordt in de klas en niet of nauwelijks daarbuiten dan zal men nooit snel de taal eigen worden! Bij de aanbieding van taalles wordt geen rekening gehouden met grote verschillen in uitgangspositie en leervaardigheden.

Indrukken en mogelijke verbeteringen

In Hoogezand hebben we een erg interessant gesprek gehad met een groep cursisten. Het was mooi te horen hoe enthousiast deze cursisten waren over hun docent en begeleiders.
Alle gesprekken en indrukken leveren voorlopig het volgende beeld op.
Voor de nieuwkomers is taal van cruciaal belang. In de huidige situatie zijn er te weinig mogelijkheden om de taallessen te optimaliseren. Taalles en maatschappelijke oriëntatie zouden meer gecombineerd worden. Bijvoorbeeld door taalles op locatie. In sommige gevallen zijn er stageplaatsen georganiseerd. Dat blijkt zeer effectief te zijn. In de huidige situatie vindt de taalles nog teveel plaats in de eigen groep in hetzelfde lokaal. Met gebruik van de computer kan er op maat gesneden lessen worden verzorgd. Groot enthousiasme was er bij docenten voor een taalcursus op een cdrom. Waar grote behoefte aan is om op locatie in gezelschap van Nederlanders spelenderwijs de taal te leren. Veel cursisten hebben kinderen. Thuis wordt er in de eigen taal gesproken. Alleen als er andere kinderen bij zijn wordt er Nederlands gesproken. Er waren voorbeelden van kinderen die zonder één woord Nederlands te kunnen naar de basisschool gaan. Wat zou het mooi zijn als ouders taalles volgen dat de kinderen in kinderopvang onder hetzelfde dak spelenderwijs in aanraking komen met Nederlandse kinderen en dus Nederlandse taal. Een aantal cursisten voetballen regelmatig met elkaar. Zij hebben verschillende nationaliteiten en moeten derhalve in het Nederlands met elkaar communiceren. Dat is goed, maar het zou nog beter zijn als zij zouden voetballen met Nederlanders. Als we echte integratie willen moet er in de begintijd van de nieuwkomers meer georganiseerd worden. Het valt namelijk niet mee als nieuwkomer zelf allerlei initiatieven te nemen.

Inburgeringsgeld in één pot

Bij het horen van de verhalen van de cursisten en begeleiders borrelde bij mij de gedachte op om het totale bedrag aan inburgeringsgeld samen te voegen en bij één instantie te besteden. Het aanleren van het Nederlands staat dan continu voorop. Maatschappelijke en sociale integratieprojecten moeten vervolgens systematisch onderdeel worden van de taallessen.
De opvang van nieuwkomers zou nog sterk verbeterd kunnen worden door een uitgebreidere intake, door meer langjarig onderzoek van cursisten en door te leren van de korte effectieve taalcursussen voor managers. Het zou weleens zo kunnen zijn dat het veel effectiever is om een kortere periode dag in dag uit met de taal bezig te zijn.
Met de cursisten uit Hoogezand hebben we afgesproken om in juni terug te komen. Ik ben ontzettend benieuwd hoe het dan gaat met hun Nederlands!

Terug naar top