Op 26 oktober 2007 was René Paas één van de inleiders op het symposium ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van het RBO in Groningen. Het RBO is actief als intermediair op de landelijke scholings- en arbeidsmarkt. Het RBO regelt scholingstrajecten voor bedrijven en maatschappelijke organisaties. Het zijn makelaars in scholingstrajecten. Ze zijn gespecialiseerd in het gebruikmaken van Europese gelden! Het is een zeer aantrekkelijke partner voor organisaties die scholingstrajecten nodig hebben.
Plezier als concurrenteifactor
René Paas hield een zeer onderhoudend verhaal. Hij ondersteunde zijn bijdrage met een powerpointpresentatie met verrassende en prikkelende plaatjes. Ik heb hem vaker presentaties zien geven met powerpoint. Hij heeft daarmee een heel eigen stijl ontwikkeld. Paas ziet dat in succesvolle bedrijven de factor plezier een belangrijk concurrentiemiddel is. Mensen moeten de mogelijkheid krijgen om verschillende levens goed te kunnen combineren. Bedrijven waar medewerkers plezier hebben in het werk zijn succesvolle bedrijven!
Ontslagrecht
Al was het niet het onderwerp van de middag, maar even aandacht aan het ontslagrecht en vooral de politieke patstelling daarover was onvermijdelijk. Vlak voor zijn inleiding heb ik hem onder het genot van een kopje koffie en een gebakje nog even aangesproken over het ontslagrecht. Ik heb al een aantal keren bericht over het ontslagrecht en de knullige wijze waarop de politiek met dit onderwerp omgaat. Toen Paas aantrad als voorzitter van het CNV werd hem direct duidelijk gemaakt door Bernard Wientjes, voorzitter van VNO/NCW, en Loek Hermans, voorzitter van het MKB, dat voor hun versoepeling van het ontslagrecht een essentieel punt was. Paas interpreteerde de opmerkingen van de werkgevers als een mogelijkheid om te onderhandelen. Voor hem was versoepeling van het ontslagrecht daarom bespreekbaar. In de maanden daarna bleek er geen enkel punt uitwisselbaar te zijn voor de versoepeling van het ontslagrecht. Voor de werkgevers is het een beetje een blinde kruistocht geworden. Ze kunnen geen grote hoeveelheid aan praktijkvoorbeelden noemen waarbij een snellere en betere oplossing zou zijn gerealiseerd bij een andere wetgeving. En ze hebben geen enkel wetenschappelijk onderzoek aan hun zijde. De econoom Alfred Kleinknecht heeft dat haarfijn uiteengezet in de NRC van 23 oktober 2007. René Paas vroeg zich af voor welk probleem de versoepeling van het ontslagrecht een oplossing is. Er wordt dan geschermd met het verbeteren van kansen voor outsiders en versnelling van procedures. Landen waar de bescherming van werknemersrechten minder is, is niet in alle gevallen de werkloosheid lager en de huidige praktijk van de kantonrechtersformule biedt een prima mogelijkheid om snel uit elkaar te gaan. Maar niet voor een dubbeltje op de eerste rang. Als een werkgever van een werknemer af wil, dan kan dat. Maar als de werknemer niet aantoonbaar de organisatie heeft benadeeld, dan krijgt de werknemer een behoorlijk bedrag mee. En terecht!
Donner
Minister Donner is enthousiast over de kantonrechtersformule, maar wil procedures nog iets vereenvoudigen door de preventieve rechterstoets af te schaffen en de ontslagmogelijkheden in de wet te regelen. De rechter komt er dan alleen aan te pas als de partijen geen overeenstemming weten te vinden over de verwijtbaarheid van het ontslag. Dat is van belang voor het bedrag dat de werknemer meekrijgt. Als de werkgever kan aantonen dat de werknemer verwijtbaar gedrag verweten kan worden dan wordt de uitkering lager. De discussie over het ontslagrecht gaat allang niet meer over het maken van een fatsoenlijke regeling, maar is een politiek mijnenveld geworden. De PvdA heeft een stevig standpunt tegen versoepeling nodig om een morrende achterban tevreden te stellen en het CDA heeft de versoepeling nodig om te laten zien dat ze nog steeds hervormingsgezind zijn. Met de onwrikbare posities van de PvdA en het CDA komt Donner in een vrijwel onmogelijke positie. Het kan niet zo zijn dat het kabinet schipbreuk gaat leiden op dit punt, dus er moet een beetje geslikt worden. Een uitweg kan zijn: In geval van overeenstemming over geen verwijtbaarheid kan er geschikt worden zonder tussenkomst van de rechter. Is er wel onenigheid dan wordt de zaak voorgelegd aan de rechter.
3 november 2007


