Minister van der Hoeven trekt een foute conclusie

Op 30 augustus 2006 stond in de Volkskrant dat minister van der Hoeven van onderwijs de groei van het speciaal onderwijs wil aanpakken. Een uiterst foute reactie op de trend van meer gebruik van het zogenaamde ‘rugzakje’. Ze moet niet proberen het probleem achter de verhoogde vraag weg te redeneren, maar de conclusie trekken dat het speciaal onderwijs meer mogelijkheden moet krijgen.

De deelname aan het speciaal onderwijs is tussen 2000 en 2005 gestegen met 53.203 tot 78.163 kinderen. Het gaat om kinderen in een rolstoel, dove en blinde kinderen, kinderen met Down syndroom, maar ook om kinderen met gedragsmoeilijkheden. De stijging zit vooral in die laatste groep. De roep om meer speciaal onderwijs is niet verwonderlijk. Ik heb het altijd al een foute beslissing gevonden om kinderen met een forse problematiek persé in het reguliere onderwijs onder te brengen. Als ouders en kinderen het zelf willen dan moet er ondersteuning geregeld worden voor het reguliere onderwijs, maar veel ouders zien hun kind veel liever in een meer beschermde omgeving leren en opgroeien. In de afgelopen jaren zijn er veel te veel kinderen met een zware problematiek in het reguliere onderwijs opgevangen. Met alle problemen van dien. Die kinderen verdienen speciaal onderwijs. Onderwijs waar docenten zijn opgeleid om hun goed te begeleiden. Het speciaal onderwijs is in de afgelopen decennia ten onrechte ontmanteld. Laten we hopen dat met de komende verkiezingen in zicht de politiek kiest voor fatsoenlijke opvang van kinderen die heel veel speciale aandacht nodig hebben. Laten we hopen dat het speciaal onderwijs weer een nieuwe groeiperiode doormaakt! Voor het welbevinden van kinderen met een forse problematiek!

3 september 2006

Terug naar top