‘De schaarse contacten met de reclassering gaan tot slot slechts over materiële zaken’, wordt geconstateerd in de Volkskrant van 12 januari 2007 in een artikele over Julien C., de verdachte van de moord op de basisschool leerling Jesse Dingemans uit Hoogerheide. Het grootste deel van de tijd van de reclassering gaat naar andere dingen dan contacten met degene die begeleid moet worden.
‘In de gehandicaptenzorg zijn de gehandicapten er voor het systeem, in plaats van andersom’, zegt de oprichter van de Thomashuizen in een vraaggesprek met Radio 1 in december 2006.
Toen mijn moeder in een verzorgingshuis zat had ze veel behoefte aan contact met verpleegkundigen. Die stonden dicht bij haar. Mij viel op dat verpleegkundigen bij het binnenkomen de eerste mededeling was dat ze het druk hadden en dat ze weer verder moesten!
In de jeugdzorg hebben gezinsvoogden 1,3 uur per maand per kind aan tijd beschikbaar. Zie elders op deze site. Daar mag je toch niet veel van verwachten?
Op veel scholen heeft een gemiddelde docent ongeveer 2 uur per week contact met een groep van leerlingen.
Hebben deze berichten iets met elkaar te maken? Het antwoord is: ja. In de zorg, in het onderwijs en in de jeugdzorg willen we vormen, opvoeden, ontwikkelen en ondersteunen. Dat vergt aandacht. De oprichter van de Thomashuizen in de gehandicaptensector noemt zorg een ambacht. Dat vergt aandacht, deskundigheid en intensiteit. Die aspecten zijn een beetje zoekgeraakt in het onderwijs, de zorg en de jeugdzorg. De grote opdracht voor het nieuwe kabinet is om het mogelijk te maken om in de genoemde sectoren kleinschalige organisaties met toegewijde professionals rendabel te laten zijn. Een school van zo’n 500 leerlingen waarin docenten als de echte professionals een bepaald onderwijskundig concept vormgeven. Instellingen voor mensen met een beperking te laten leven in een soort gezinsachtige situatie, zoals in de Thomashuizen. En ook in de jeugdzorg zouden kleinschalige maatschappen mogelijk worden gemaakt, waarbij alle administratieve rompslomp achterwege kan blijven en 90% van de tijd van een hulpverlener ingezet kan worden voor echte hulp.
13 januari 2007


