Een hoge staatsschuld hoeft niet tot grote problemen te leiden. Schuld is niet erg zolang de kosten van de schuld gedragen kunnen worden. De combinatie hoge schuld en een fors begrotingstekort is al veel gevaarlijker. Maar de combinatie hoge schuld, begrotingstekort en een hoge rente op de 10-jaars staatsobligaties is een garantie voor problemen. Eerst de cijfers en dan de analyse en de conclusie.
De Europese Gemeenschap is de grootste economische macht in de wereld, dan de Verenigde Staten, dan China en als vierde Japan. Japan is interessant. Een torenhoge schuld, een fors begrotingstekort, maar geen financieringsproblemen, getuige de 1,08% rente op de 10-jaars staatsobligaties. De Verenigde Staten hebben een grotere schuld dan alle landen in de Europese Gemeenschap samen, maar de problemen in Europa lijken groter. Ook de Verenigde Staten is nog steeds in staat om de schulden te financieren. De rente op de 10-jaars staatsobligaties zit op 2,8% rente. De financiële markten hebben het op Europa gemunt. Speculanten zien binnen de Europese Gemeenschap veel aangeschoten wild, waaraan verdiend kan worden. Griekenland, Ierland en Portugal zitten tot over hun oren in de problemen. Hoge staatsschuld, hoog begrotingstekort en een hoge rente. Spanje en Italië hoeven eigenlijk nog helemaal niet in de problemen te komen als we alleen kijken naar de staatsschuld en het begrotingstekort. Maar bij deze landen komt het derde probleem erbij: oplopende rente op de 10-jaars staatsobligatie. Na Spanje en Italië kunnen ook Frankrijk en België daarmee geconfronteerd worden.
Rente beheersen
Alleen een hoge staatsschuld hoeft nog geen probleem te zijn, mits die onder de 90% van het BBP blijft. De Amerikaanse economen Carmen Reinhardt en Kenneth Rogoff hebben in 2010 de resultaten gepubliceerd van een zeer uitgebreid onderzoek in de publicatie: ‘Growth in a time of debt’. Tot 90% is er geen aanwijsbare invloed van de staatsschuld op de economische groei. Een staatsschuld boven de 90% zal de economische groei nadelig beïnvloeden. Spanje zou dus nog niet in de problemen hoeven te komen, ware niet dat de financiële markten onraad ruiken met als gevolg oplopende rente op de 10-jaars staatsobligatie.
De hoge rente tegengaan
De Europese Gemeenschap, maar zeker de Eurozone, moet het probleem van de hoge rente op de 10-jaars staatsobligaties oplossen. Dat zullen landen met een hoge staatsschuld en een hoog begrotingstekort niet lukken op korte termijn. De overheid moet bezuinigen om het begrotingstekort te beperken en daarmee de groei van de staatsschuld tegen te gaan. Maar doet de overheid dat te rigoureus dan is de kans groot dat de beperkte economische groei om zeep geholpen wordt. Dan kan de zeer beperkte groei omslaan in een krimp. Dan loopt het begrotingstekort weer op door minder inkomsten. Verdere bezuinigingen zal de economie steeds verder het moeras in duwen. Wat de kwetsbare economieën niet alleen kunnen, kunnen de Europese landen wel met elkaar. De landen die nog ruim onder de 90% staatsschuld zitten, zouden hun staatsschuld nog iets kunnen laten oplopen door de investeringen te stimuleren. De Europese Gemeenschap zou gezamenlijk de begrotingstekorten moeten financieren via de ECB (Europese Centrale Bank). Dat is de enige manier om de hoge rentes in de tang te krijgen. Met 3% tot 3,5% zou de hele schuld van de Europese Gemeenschap gefinancierd moeten kunnen worden. Duitsland zou dan meer rente gaan betalen dan nu, maar daar staat tegenover dat veel Europese landen dan niet in de problemen komen en daarmee worden belangrijke afzetgebieden voor de Duitsers sterker.
Economische impulsen
Na de bankencrisis in 2008 hebben de overheden ervoor gezorgd dat een catastrofe uitbleef door een ruimhartig steunpakket. Nu de economische groei is gestokt ontstaat er een teruglopend consumentenvertrouwen en bedrijven zullen bij twijfel wachten met grote investeringen. De overheden kunnen geen vanwege hun grote begrotingstekorten en staatsschulden geen impulsen geven aan de economie. Er is geen partij die krachtig het voortouw kan nemen om uit de malaise te komen.
Management bij speech
Europa heeft nog twee wapens. Een is de genoemde gezamenlijke financiering van schulden, gepaard gaand met harde afspraken over begrotingsbeleid en twee is ‘management bij speech’. Europa heeft een goed verhaal nodig! Europa heeft een leider of groep leiders nodig die de kracht van Europa gaan vertellen. Die een overtuigend perspectief kunnen neerzetten voor Europa als sterk economisch blok.
Slot
Een Amerikaanse econoom vroeg zich hardop af: ‘Hoezo een double dip?, we zitten nog in de eerste dip!’. De bankencrisis van 2008 sloeg om in de recessie in de reële economie. In 2010 leek de economie aardig hersteld te zijn en ook de beurzen lieten weer stijgende koersen zien. En toch sloeg het weer om. De landencrisis in Europa en politiek getouwtrek in de Verenigde Staten zette de lijn naar beneden weer in. De crisis van 2008 was volgens velen de schuld van de banken. Dat is een grote misvatting. De crisis van 2008 is ontstaan door grote fouten van de Amerikaanse overheid. Zie http://www.michielverbeek.nl/Item.aspx?id=1005. De schuldencrisis in Europa en de Verenigde Staten wordt graag in de schoenen geschoven van de speculanten op de financiele markten. Ook dat is een misvatting. Ook nu weer ligt de grootste schuld bij de overheid. De Europese landen kiezen voor kleine stapjes als reactie op bewegingen op de financiele markten en de aandelenbeurzen. Die kleine stapjes zijn niet genoeg om een diepe recessie tegen te houden. En in de Verenigde Staten is het getouwtrek tussen de Republikeinen en de Democraten de oorzaak van het uitblijven van een adequaat pakket van maatregelen. De overheden in Europa hebben de instrumenten in handen om een diepe recessie af te wenden. Komt er een krachtig Europees beleid dan zal de speculatie gericht op individuele Europese landen voorbij zijn. Dan zullen bedrijven weer meer durven te investeren. Met een bescheiden economische groei zal dan de gang naar boven weer worden ingezet. Gebeurd dat niet, dan is een diepe recessie onafwendbaar!
Michiel Verbeek, 27 augustus 2011


