Donderdag 30 maart was ik aanwezig bij de conferentie ‘Civil Society, luchtfietserij of nieuwe werkelijkheid’, georganiseerd door de LCGW Noord (Landelijk Contact voor het gemeentelijk Welzijnsbeleid). Er waren twee boeiende inleiders: Bert Middel, burgemeester van Smallingerland en Foek de Jong, geestelijk van het concept van Skewiel Trynwalden in Tietstjerkstradiel in Friesland. Met de term civil society wordt niet alleen de door burgers gedragen maatschappelijke organisaties bedoeld, maar ook meer informele uitingen van burgerzin. De civil society is uitgewerkt in De toekomst van de nationale rechtsstaat van het Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) en in het programma De Andere Overheid van het tweede kabinet Balkenende.
In Trynwâlden heeft het plaatselijke verzorgingshuis plaatsgemaakt voor een multifunctioneel servicecentrum met functies voor de hele dorpsgemeenschap. Ouderen bewonen een gloednieuw appartement in de buurt van het levendige centrum of blijven wonen in hun eigen vertrouwde dorp. In het hele gebied 7 dorpen en 2 gehuchten, ongeveer 9000 inwoners, doorsnede 12 kilometer, komt de zorg aan huis en worden ouderen zo nodig ondersteund door een omtinker; de Friese variant van de ouderenadviseur.
Supermarkt van welzijn en geluk
Foeke de Jong presenteert zich als directeur van een supermarkt van welzijn en geluk. Niet van een verzorgingshuis of een woon-zorg complex, maar van een supermarkt van welzijn en geluk. In Trynwalden worden bewoners gefaciliteerd bij het vormgeven van het eigen dagpad. Het hele complex in Tietstjerkstradiel heeft een medisch centrum, een tandartsenpraktijk, een apotheek, een fysiotherapie praktijk, een logopedist, een bibliotheek, een bloedpriklab, een consultatiebureau, een peuterspeelzaal, een buitenschoolse opvang, kinderdagverblijven en een uitvaartcentrum. Van het begin van het leven tot het moment tussen zes plankjes kun je terecht op Trynwalden. Mensen die op het terrein wonen kunnen van alle voorzieningen gebruik maken. Wat zo uniek is dat ook mensen die zelfstandig in kleine dorpen in de buurt wonen kunnen ook gebruik maken van de voorzieningen. Kunnen ze er zelf niet naar toe, wordt er vervoer naar het complex geregeld. Op de website www.skewiel-trynwalden.nl staat meer achtergrondinformatie.
De civil society
Foeke de Jong onderbouwde de stelling dat je niet een civil society maakt door alleen voorzieningen te realiseren. De voorzieningen zijn belangrijk, maar komen op de laatste plaats. Het begint met organische planologie. Daarbij verwees de Jong naar de architect Christopher Alexander. Dat is een belangrijke inspiratiebron geweest voor Trynwalden. Na de organische planologie komen: gedifferentieerde opbouw van de gemeenschap, netwerken organiseren en aandacht voor de informele economie. En als vijfde punt: de voorzieningen. Een gedifferentieerde is dus iets heel anders dan mensen met een bepaalde beperking allemaal bij elkaar zetten. Nee, de Jong pleit voor oud en jong, met of zonder beperking door elkaar heen.
Lokaal Loket
Een hoogtepunt van de WMO (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) vindt de Jong de verplichting van het lokale loket bij de gemeente. Iedereen moet op vaste plekken alle informatie kunnen krijgen over het samenhangende terrein van wonen, welzijn en zorg. Het project Foer Elkoar en de omtinkers in Friesland geven invulling aan zo’n loket. Een ander groot voordeel van de WMO vond de Jong dat de preventie en de schade in één hand komen. In de hand van de gemeente.
Vrijwilligers
Oudere mensen zijn degenen die het meeste vrijwilligerswerk doen. Volgens de Jong verdubbelt de hoeveelheid vrijwilligerswerk vanaf 68 en vanaf 78 vindt er weer een verdubbeling plaats.
Twee soorten gemeentes
Met de WMO op komst zullen er twee soorten gemeentes ontstaan: de civil society gemeenten en de aanbodsturingsgemeenten. Die laatste groep zal zich proberen te bekwamen in aanbesteden en als zo goedkoop mogelijk maken. In de Jong zag ik een medestander in mijn verzet tegen het idee van aanbesteden. Als gemeenten voor diverse WMO voorzieningen gaan aanbesteden dan zal er een prikkel in het systeem komen van alles zo goedkoop mogelijk. Een ander gevolg is dat er geen echte vraagsturing zal plaatsvinden. Immers bij aanbesteding zal een groot aantal aanbieders buitenspel gezet worden. Terwijl vragers misschien nu juist wel bij die partijen voorzieningen zouden willen betrekken. Als gemeenten echt willen hoeven ze niet in het keurslijf van de aanbesteding terecht te komen.


