Een jaar smartphoneverbod in Vlaanderen

In Vlaanderen geldt een jaar het smartphoneverbod op school. Goede reden voor hoogleraar Maarten Vansteenkiste en onderzoeker Bart Soenens (bekend van het standaardwerk Het ABC van motivatie in Onderwijs) met de onderzoeksgroep van het Centrum voor Ontwikkelings- en Motivatiepsychologie van de Universiteit Gent om een natuurlijk veldexperiment te doen. Daarvoor bevroegen ze leerlingen uit verschillende Vlaamse secundaire scholen driemaal: in het tweede semester vóór de invoering van het verbod, in het eerste semester erna, en ten slotte ook in het tweede semester erna. Het doel van deze studie is om op een nauwgezette manier het effect van deze beleidswijziging in kaart te brengen.

Voor de analyses in dit rapport namen in totaal twintig Vlaamse scholen uit het secundair onderwijs deel. Hiervan zijn er negen scholen uit Oost-Vlaanderen, vijf scholen uit WestVlaanderen, vier scholen uit Vlaams-Brabant en twee scholen uit Limburg. 


Dit zijn de belangrijkste uitkomsten van het onderzoek;


1. Verminderd smartphonegebruik op school wordt thuis ingehaald. Sinds de invoering van het smartphoneverbod gebruiken leerlingen hun smartphone tijdens de schooluren minder, zowel in het algemeen als tijdens de pauzes. Opmerkelijk is dat 62% van de leerlingen aangeeft de smartphone wel eens stiekem te gebruiken. Buiten de schooluren gebruiken jongeren hun toestel meer, waardoor hun totale gebruik over een schooldag ongeveer gelijk blijft. Het gebruik lijkt dus te verschuiven naar momenten waarop het verbod niet geldt, eerder dan dat het gehele gebruik afneemt.


2. Iets betere naleving, maar minder draagvlak en meer druk. Leerlingen houden zich sinds de invoering van het verbod iets beter aan de geldende smartphoneregels, maar staan er minder achter (minder eigenaarschap en vrijwillige motivatie) en zijn iets meer gedemotiveerd om ze te volgen. Tegelijk ervaren ze de communicatie van hun leerkrachten als iets dwingender en voelen ze zich minder ondersteund en begeleid om de regels effectief te kunnen volgen.


3. Als de motivatie onder druk staat, komt ook de duurzaamheid van het gedrag in het gedrang. De toename in dwingende communicatie en de afname in kwalitatieve motivatie bieden een verklaring voor het toegenomen smartphonegebruik buiten de schooluren. Als leerlingen minder achter de regels staan, ligt hun smartphonegebruik na school hoger. Hoe dwingender leerlingen de communicatie ervaren, hoe gedemotiveerder ze zijn om de regels te volgen, wat helpt verklaren waarom ze hun smartphone buiten school meer gebruiken.


4. Noch in de klas, noch tijdens de pauze zien we een verbetering in het functioneren van leerlingen. In de klas zien we geen verbetering in betrokkenheid en hun gevoel van autonomie, verbondenheid en competentie. De erg kleine verschillen die worden vastgesteld wijzen bovendien in de omgekeerde richting: leerlingen rapporteren iets meer afleiding tijdens de lessen. Verder is er geen verbetering in de voldoening die leerlingen halen uit de pauzes. Zo praten leerlingen niet in toegenomen mate met elkaar, terwijl de invoering van het verbod vaak wordt verdedigd met het argument dat jongeren dan meer met elkaar gaan praten. In plaats daarvan zien we dat jongeren iets vaker zitten te “niksen” en iets minder vaak schooltaken maken of studeren tijdens de pauze. Mogelijk speelt mee dat scholen de smartphone wel hebben geweerd, maar niet hebben geïnvesteerd in alternatieve activiteiten tijdens de vrije momenten.


5. Ook buiten school is geen verbetering merkbaar, eerder het omgekeerde. De vastgestelde, kleine verschillen wijzen opnieuw op een eerder ongunstige trend: sinds het verbod rapporteren leerlingen iets meer problematisch smartphonegebruik, iets meer cyberpesten en iets meer afleiding tijdens het studeren. Ondanks het meer problematisch gebruik nam het conflict met ouders niet toe. Ook de algemene mentale gezondheid van leerlingen gaat er niet op vooruit, een bevinding die in lijn ligt met de bredere literatuur.


6. Nood aan een ruimere aanpak. Naast de aandacht voor motivatie suggereren de resultaten ook een bredere nood aan mediawijsheid op school, waarbij leerlingen leren balans te vinden in hun smartphonegebruik en de risico's van overmatig gebruik leren inschatten.


Michiel Verbeek
29 september 2026

Terug naar top