Bizar debat en een oproep tot daadkracht!

Waarom wordt er tijdens een Algemeen Overleg in de Tweede Kamer of tijdens een plenair debat niet een keer gewerkt met een digibord of een gewoon whiteboard. Dan zou Jan Kees de Jager of een van zijn ambtenaren heel eenvoudig kunnen laten zien hoe de sommen gelezen moeten worden. Het is zinvol om te laten zien hoe sommen worden opgebouwd.

Dat had Mark Rutte ook moeten doen na het Europese overleg van 21 juli. Dan had hij niet zoveel commotie veroorzaakt. Met het eindplaatje in handen heeft hij een eigen interpretatie gegeven. Zijn voorstelling van zaken was absoluut onjuist. Rutte probeerde zich staande te houden met ‘mijn som klopte wel, maar het was de verkeerde som’. Dat 109 – 50 een uitkomst oplevert van 59 is op zich juist, maar is wat anders dan te beweren dat de overheden 59 miljard bijdragen en de private sector (lees banken) ca. 50 miljard.

Toch deed Rutte het goed

Ondanks de onjuiste cijferopstelling van Rutte deed hij het erg goed in het debat. Rustig, opgewekt, oplettend en scherp in reacties. Er was geen enkele aanleiding om te veronderstellen dat Rutte probeerde gegevens onder het tapijt te schoffelen. Of heel bewust een mooier beeld wilde neerzetten. Of heel bewust aldoor een halve waarheid wilde vertellen. En daarom was de motie van afkeuring van de SP echt belachelijk en wist de PvdA ook niet de vinger op de zere plek te leggen. En ook al roepen Job Cohen en Ronald Plasterk 20 keer dat ze een patroon zien van aldoor een beetje vertellen en niet direct het hele verhaal, het is na die 20ste keer nog steeds niet waar en niet doeltreffend!

De cijfers

In het Algemeen Overleg op dinsdag 16 augustus 2011 met de financieel specialisten, Mark Rutte en Jan Kees de Jager werd er vreselijk gegoocheld met cijfers. Veel zogenaamde financieel specialisten maakten niet de indruk dat ze de materie konden doorgronden. Alles werd door elkaar gehusseld. De aankoop van staatspapier, garanties en schuldafkoop, maar ook mogelijke kosten aan transacties, risico’s en beleggingen. Wat was het goed geweest om stapje voor stapje de problematiek voor te schotelen. Eerst aangeven wat de schuld is van Griekenland. Vervolgens aangeven hoe de schuld van Griekenland gefinancierd wordt. Dan aangeven wat de risico’s zijn van de bijdragen van de Europese overheden en tot slot aangeven welke bijdrage Nederland heeft geleverd en welk risico Nederland loopt.

De werkelijke bijdrage en de risico’s

In het steunpakket voor Griekenland leveren de Europese landen 188 miljard aan leningen in de vorm van staatsobligaties tegen een redelijke rente. Daarnaast zijn er voor 35 miljard garanties afgegeven aan de banken als Griekenland in gebreke blijft bij aflossingen. En het derde element betreft een reservering voor een herkapitalisatie van banken als die banken in de problemen komen doordat Griekenland de schulden niet kunnen terugbetalen en de banken te weinig buffer hebben voor hun uitstaande leningen. Als alles fout gaat dan zouden de Europese landen gezamenlijk: 188 + 35 + 20 miljard = 243 miljard kwijt zijn. Dat scenario is helemaal niet voor de hand liggend als de Europese politici daadkracht tonen. Het meest rooskleurige scenario is dat de Europese landen helemaal niets kwijtraken en gewoon een keurige rentevergoeding krijgen voor hun leningen. De banken kopen ook Griekse staatspapieren, zij het met een garantie van de Eurozonelanden. De banken investeren 54 + 56 = 110 miljard euro. Daar komt bij dat de banken voor 33 miljard aan leningen hebben overgedragen aan de Eurozonelanden voor 20 miljard. Je kunt zeggen dat de banken in die deal voor 13 miljard verlies hebben genomen. Vandaar in de cijferopstelling: 110 + 13 = 123 miljard. Tegenover die 123 miljard staat een garantie van 35 miljard. Je kunt daarom zeggen dat de banken een maximaal risico lopen van 123 – 35 = 88 miljard. De maximale risicoverdeling is derhalve: 243 miljard voor de overheden en 88 voor de banken. Kortom 73,4% voor de overheden en 26,6% voor de banken.

Plenaire Kamerdebat

Ik heb het Algemeen Overleg van de financieel specialisten en het plenaire Kamerdebat opgenomen van Politiek 24 en ’s avonds bekeken. Het is toch wel weer eens nuttig om een heel debat te bekijken. Wat wordt er ongelooflijk veel herhaald tijdens zo’n debat. En wat zijn veel politici toch weinig gericht op het doorgronden van de feiten en een goede weging van argumenten. En wat zijn ze gericht op politiek spel en zendtijd op de televisie. Wouter Koolmees van D66 was zo ongeveer de enige in het Algemeen Overleg die alle feiten op rij probeerde te krijgen om vervolgens verder te praten over de nieuw ontstane situatie door nerveuze financiële markten. Maar de meeste anderen waren helemaal niet geïnteresseerd in praten over de uitkomst van het overleg van Sarkozy en Merkel, nut en noodzaak van een Europese begrotingsautoriteit en Euro-obligaties. Nee, het doel van het samenzijn was om Rutte en de Jager door het stof te laten gaan! In het plenaire debat een dag later was het beeld niet veel anders. Alexander Pechtold deed een poging, maar gleed bij de verbreding van het gezichtsveld weer in zijn oude groef van ‘we moeten de arbeidsmarkt en de woningmarkt hervormen en meer doen aan onderwijs’. Hij heeft wel gelijk, maar krijgt niemand mee op die manier.

Links tegen de PVV

De linkse partijen weten maar niet goed om te gaan met de PVV. Ze probeerden allemaal weer PVV-woordvoerder, Tony van Dijck, op te zetten tegen het kabinet. Ze werden boos op Wilders die stevige meningen zat te twitteren, maar niet meedeed aan het debat. Hoe kan de PVV de opvatting ‘geen cent naar Griekenland’ nu toch rijmen met steunen van het kabinet? Het is zo simpel. PVV’er Tony van Dijck vertelde het maar weer een keer aan de opgefokte linkse collega’s: ‘Als wij geen steun geven aan dit kabinet dan is de kans groot dat mensen zoals Pechtold in vak K komen. En dat willen we niet!’. Kinderlijk eenvoudig! Voor een geïnteresseerde kijker en luisteraar als ik is het erg vervelend dat door toedoen van de linkse politici zoveel zendtijd gaat naar de PVV. De PVV heeft een paar krenten gekregen van VVD en CDA. Die moeten gerealiseerd worden en de rest is voor de PVV niet belangrijk. Accepteer dat nu maar!

De kern

In het debat op woensdag 17 augustus ontstond steeds meer het beeld dat gebrek aan begrotingsdiscipline de oorzaak is van de schuldencrisis. Natuurlijk Griekenland heeft geknoeid met de begrotingscijfers, maar je moet niet doen alsof dit de oorzaak is van de landencrisis. Mark Rutte droeg daar aan bij door te onderstrepen dat het van het grootste belang is om de afspraken over het begrotingsbeleid te voorzien van sancties. Er werd de suggestie gewekt dat dan de schuldencrisis zou zijn opgelost. Dat is echt flauwekul. De belangrijkste afspraken binnen de Eurozone met betrekking tot begrotingsbeleid zijn: het begrotingstekort mag niet meer zijn dan 3% van het BBP (Bruto Nationaal Product) en de staatsschuld mag niet meer zijn dan 60% van het BBP. Als binnen de Eurozone nu sancties zouden worden opgelegd dan zouden we niet in een recessie schieten, maar rechtstreeks door naar een depressie. Zelfs Duitsland heeft momenteel een staatsschuld van 83%! De stoere taal over begrotingsdiscipline hield de Kamerleden af van het werkelijke probleem: de politiek moet de financiële markten rustig zien te krijgen met beleid waarbij er zekerheden ontstaan voor institutionele beleggers. En dat kan alleen als de landenschulden gezamenlijk worden gefinancierd en de uitgifte van staatspapier van alle Eurozonelanden samen door de ECB (Europese Centrale Bank) gebeurd. Ik denk dat Rutte en de Jager dat donders goed weten, maar dat ze het gevoel hebben dat de achterban er nog niet klaar voor is. Ik hoop alleen dat ze niet te lang wachten, want Nederland en Duitsland zijn de grote dwarsliggers bij de echte oplossing van de financiële- en economische crisis.

Een storend misverstand

Zowel Rutte, Roemer als Cohen bezigde stevige taal over begrotingsdiscipline en spraken schande over Duitsland die het in de jaren negentig op een akkoordje gooide met Frankrijk om even de eis van een begrotingstekort van 3% op te rekken. Voor de ‘preciezen’ een staaltje van arrogantie van de macht. Dat is een grote misvatting en de periode daarna heeft het bewezen. Duitsland moest toen grote investeringen doen voor de eenwording van Oost- en West-Duitsland. Het was volkomen terecht dat voor die speciale situatie de eisen tijdelijk werden opgerekt. En je hebt in de jaren daarna gezien dat de ‘preciezen’ ongelijk hadden. Duistland is nu de sterkste economie van Europa. Je moet altijd blijven nadenken bij de uitvoering van regels!

The day after the night before

De dag na het tweede debat kwam het bericht dat Finland een interessant onderpand krijgt voor hun bijdrage in het steunpakket voor Griekenland. Geert Wilders wist snel de camera’s te vinden om te roepen: ‘Rutte wordt wakker, De Jager wordt wakker en ga ook een onderpand eisen’. In diverse media borrelde onmiddellijk een verdachtmaking op naar het kabinet. ‘Ze hebben blijkbaar weer niet alles verteld’. Waarom Finland wel en wij niet? Dit soort akkefietjes tussen regeringen zijn ook weer lekker funest voor de temperatuur op de financiële markten. In een tweet van Alexander Pechtold heb ik gelezen dat dit punt wel degelijk al in de stukken stond en dinsdag aan de orde is geweest. Op vrijdag 19 augustus is de kwestie Finland de stelling van de dag: Het onderpand voor Finland ondermijnt de Europese aanpak’. Werkgeversvoorzitter, Bernard Wientjes, heeft goed begrepen wat nodig is voor economische ontwikkeling. En dat is daadkracht van de Europese leiders. Dat kan door een Europese regering op het gebied van Economie en Financiën en een gezamenlijke schuldfinanciering in het Eurogebied.

Hoeveel dalingen op de AEX hebben we nog nodig alvorens de Europese politici hun verantwoordelijkheid nemen?

Michiel Verbeek, 19 augustus 2011

Nog even de cijfers:

Terug naar top