Michiel Verbeek

27 okt

Op 15 september 2008, ruim 10 jaar geleden, zagen we beelden op de televisie van medewerkers van de Lehman Brothers Bank in de Verenigde Staten die met kartonnen dozen met persoonlijke spullen uit het gebouw van de bank kwamen. De beelden stonden voor het faillissement van de bank. De Amerikaanse overheid en de andere grootbanken wilden Lehman niet steunen. Het bleek het begin te zijn van een diepe financiële crisis.

 

De onverwachte internationale vervlechting van financiele bedrijven vond ik van het begin af aan uiterst boeiend. Ik heb veel boeken gelezen, documentaires en films gezien over de grootste financiele crisis na 1929. En op 26 september 2009 publiceerde ik een uitgebreide analyse: http://www.michielverbeek.nl/overheid-in-de-vs-heeft-meer-schuld-aan-de-kredietcrisis-dan-bankiers/.  Tot 2015 heb ik een aantal gastlessen gegeven op middelbare scholen over het ontstaan van de financiele crisis, wat er gebeurde tijdens de crisis en de gevolgen van de crisis. In de eerste lessen die ik gaf was de crisis nog vers, in de latere jaren waren er geen persoonlijke herinneringen meer aan de crisis en de gevolgen.

In 2007 ontstond de aanloop van de crisis op de huizenmarkt in de VS. In bovenstaande analyse staat beschreven wat een verbijsterende praktijk was ontstaan. Het dreef de bankenwereld en de overige financiele instellingen tot het creëren van beleggingspakketten met solide, maar vooral ook met zeer dubieuze hypothecaire leningen. De banken zaten plotseling met heel veel overgewaardeerd vermogen. In de laatste uren voor de crisis hebben banken geprobeerd een groot deel van hun portefeuille met slechte leningen te verkopen. In de film Margin Call zit de legendarische scene waar de hoogste baas van de bank (gespeeld door Jeremy Irons) in Jip en Janneke taal uitgelegd wil krijgen wat er aan de hand is om vervolgens de opdracht te geven om alles te verkopen. In die scene komt ook zo mooi naar voren waarom de hoogste baas op die plek zit en zo verschrikkelijk veel geld verdiend en nu de greep totaal kwijt is. https://www.youtube.com/watch?v=366DExfdQWM

In mijn analyse uit 2009 kwam ik tot de volgende slotsom dat de financiële crisis of kredietcrisis onvermijdelijk was door wat eraan voorafging. Dat kwam door:

1.    Het doorschieten van het bevorderen van het particuliere huizenbezit in de VS;

2.    Het steeds verder verruimen van de regelgeving door de Amerikaanse overheid ten aanzien van securitisatie (het samenvoegen van financiële activa tot verhandelbare effecten);

3.    De mogelijkheid voor financiële instellingen om hun risicovolle business buiten het systeem van toezicht op de banken te ontwikkelen;

4.    De roes van bankiers in het spel van het creëren van nieuwe constructies en de hebzucht van het grote geld;

5.    De lage rentestand voor banken waardoor het speculeren met vreemd vermogen aangewakkerd werd;

De wens van de Amerikaanse overheid om het particuliere huizenbezit te verhogen is op korte termijn gelukt, maar op langere termijn niet en allemaal tegen een hele hoge prijs. Het particuliere huizenbezit in de VS was in 1975: 64,9%, in 2004 op z’n hoogtepunt: 69% en in 2005: 68,9%. Volgens Wikipedia is dat in 2018 weer gedaald naar 64,2%.

 

Lehman Brothers Bank werd niet meer gered

De eerste bank in financiële problemen in 2008 is nog gered, maar toen de Lehman Brothers Bank in problemen kwam heeft de Amerikaanse overheid in samenspraak met de grootbanken ervoor gekozen om Lehman niet te redden. In een van de mooiste boeken over de financiele crisis De Ondergang van het gezonde verstand van Lawrence McDonald en Patrick Robinson wordt een inkijkje gegeven in een bank à la Lehman. De top van de Amerikaanse overheid en de top van de grootbanken hadden er lange tijd geen idee van dat de praktijk van het verpakken van slechte leningen tot nieuwe beleggingsproducten het dominostuk zou worden dat het huis van de financiele wereld zou doen omvallen. En daarmee het hele economische systeem op de rand van afgrond hebben gebracht. Of er zelfs overheen geduwd?

De financiële wereld is essentieel voor onze kapitalistische economie van ondernemingsgewijze productie. Zonder vertrouwen in geld geen economie. De Amerikaanse overheid heeft onmiddellijk het infuus aangesloten aan de banken en heeft grootschalige injecties gegeven. De ‘bad loans’ werden gesaneerd. Daardoor was de Amerikaanse economie weer snel hersteld. In 2010 was het Bruto Binnenlands Product (BBP = wat we met z’n allen produceren) in de VS al weer hoger dan in 2008.

 

Het herstel in de Europese Gemeenschap (EU) en de Eurozone had een heel ander verloop. De strenge begrotingsnorm van maximaal -3% van het BBP en de staatsschuldnorm van maximaal 60% van het BBP werkte volkomen verlammend op het herstel. Na zo’n forse crisis zal of vanuit het buitenland of vanuit de overheid de economie gestimuleerd moeten worden. Vanuit het buitenland kwam de hulp niet, omdat ook in het buitenland de banken geïnfecteerd waren. De stimulering vanuit de overheid werd belemmerd door de veel te starre normen.

 

De haperende economie in Europa kreeg geen steun van de overheid met als gevolg dat het herstel van de crisis heel lang heeft geduurd. Duitsland zit in 2018 nog niet op het niveau van voor de crisis. Toch wel even een heel ander verloop dan de VS.

 

Nederland, de hele EU en de Eurozone hebben ook het niveau van 2008 nog niet bereikt. En voor Griekenland is de situatie nog steeds niet best. Na de boeken van Jeroen Dijsselbloem en Yanis Varoufakis weten we wel dat het Europese beleid ten opzichte van Griekenland averechts heeft gewerkt en Varoufakis gelijk had met zijn noodkreet om de economie van Griekenland te stimuleren ipv kapot te bezuinigen.

 

 

Waarom loopt de economie anno 2018 weer goed?

De economie is in de VS snel na de crisis enorm gestimuleerd door de Amerikaanse overheid. De Chinese economie bleef ook stijgen, zij het niet meer in dubbele cijfers, maar nog wel gestaag. Daarmee kwam de wereldhandel weer op gang. Het Europese beleid met strakke normen voor het begrotingstekort en de staatsschuld heeft het herstel van de Europese economieën ernstig vertraagd. Er zijn in Europa wel banken gered door nationalisaties, maar het ging niet in de omvang van de VS. Pas in de afgelopen jaren heeft de Europese Centrale Bank (ECB) veel geld in de economie gepompt. De ECB heeft afgelopen jaren voor maar liefst 2100 miljard aan staatsleningen gekocht. Daarmee zijn verreweg de meeste systeembanken geholpen om hun balansen te saneren. De ECB heeft die enorme hoeveelheid aankopen van leningen gedaan om een beetje inflatie aan te wakkeren. Een inflatie van ongeveer 2% is het beste voor de wereldeconomie.   

 

 

Italië

De Italiaanse economie kent nog niet de groei van bijvoorbeeld Nederland en Duitsland. De regering van de Vijfsterrenbeweging en Lega willen graag de economie stimuleren. Zij hebben lering getrokken uit de economielessen en weten dat of het buitenland of de overheid een stagnerende economie een zetje kan geven om de kringloop flink aan de loop te krijgen. De Eurozonegroep en de Europese Gemeenschap zitten nog steeds op het oude spoor van normen voor de staatsschuld en het begrotingstekort en een programma aan hervormingen. De Italiaanse regering heeft een begroting gepresenteerd in Brussel met een begrotingstekort van 2,4%. Nog netjes binnen de 3%, maar niet binnen de aangepaste strengere normen. De Europese Commissie heeft de begroting van Italië afgekeurd. Zeer waarschijnlijk zet de regering van Giuseppe Conte van Italië de ingezette aanpak door. Italië heeft geleerd van Griekenland. Dat land is binnen de Europese context bijna kapot bezuinigd. In Italië denken ze vast met weemoed terug aan het gelijk van de excentrieke oud-minister van Financien in Griekenland, Yanis Varoufakis. Het grote kritiekpunt van Europa richting Italië is dat ze zo’n hoge staatsschuld hebben en daarom het begrotingstekort niet moeten laten oplopen. Italië heeft in 2018 een staatsschuld van 132% van het BBP. Dat is heel hoog en veel te hoog ten opzichte van de Europese norm van 60%. Nederland zat midden in de crisis ruim boven de 60%, maar zit anno 2018 alweer op 56,7%. Nederland heeft een heel ander verloop van de staatsschuld dan bijvoorbeeld Italië.

Hier de ontwikkeling van de staatsschuld van Italië:

Je ziet dat de Italiaanse staatsschuld al voor de crisis op een veel te hoog niveau zat. Dat heeft toen nooit hele grote problemen opgeleverd. Dat komt vooral doordat de schuldeisers van de Italiaanse staatsschuld voor ruim 80% binnenlandse schuldeisers zijn. In Nederland ligt dat heel anders. Hetzelfde fenomeen als in Italië zien we in Japan. Een staatsschuld van maar liefst 253%, maar het leidt niet tot economische ontwrichting, omdat het vrijwel allemaal binnenlandse schuldeisers zijn.

Er zal de komende tijd flink gesoebat worden tussen Italië en de EU. Italië zal vasthouden aan een fors stimuleringspakket van de overheid. Dat is de enige manier voor hun om de economische kringloop in Italië flink aan de loop te krijgen. Ik hoop dat de Eurozone meebeweegt met Italië en ze blijft helpen met de juiste hervormingsmaatregelen en niet strak op de normen blijft zitten. Tegelijkertijd moet de Eurozone de begrotingsnorm en de staatsschuld norm overboord zetten en op zoek gaan naar een nieuw instrumentarium. Dat zou kunnen via verdere uitbouw van de Bankenunie en de invoering van Eurobonds. Een vorm van gezamenlijke financiering van staatsschulden. Als je dat doet dan kun je weer strengere afspraken over de omvang van de staatsschuld.

 

 

CumEx-files

 10 jaar na de kredietcrisis worden we opgeschrikt door de CumEx-files. In Duitsland zijn onderzoeksjournalisten al een tijdje bezig om deze frauduleuze handelingen van bankiers en andere financiele instellingen te ontmaskeren. In Nederland worden we via speurwerk van Follow the Money op deze praktijk van het tillen van overheid gewezen. Door slimme internationale samenwerking weten financiële instellingen en banken Belastingdiensten te tillen door dividendbelasting meerdere keren terug te krijgen of te verrekenen met andere belastingen. Dit blijken slimme constructen te zijn van enkele jaren geleden. In sommige landen hebben belastingdiensten de mogelijkheden al afgesloten, maar Follow the Money toont aan dat het nog steeds voorkomt. Wie weet wat voor constructen nu praktijk zijn, die over een paar jaar weer als giftig of zelf frauduleus worden ontmaskerd? Het grote geld corrumpeert en verleidt voortdurend tot meer en een stapje verder. In de financiele wereld geldt nog steeds: zolang het niet verboden is, profiteren we ervan. De kredietcrisis in 2008 kon ontstaan, omdat diverse Amerikaanse regeringen de regelgeving steeds verder hebben versoepeld. Na de crisis heeft de regering van Barack Obama de regelgeving weer verscherpt. Onder Donald Trump wordt de regelgeving weer versoepeld. De slimme econometristen bij banken en andere financiële instellingen kunnen weer hun hersenen kraken op ingenieuze financiële constructen. Ze ontdekken weer fouten in het systeem en er worden onder onze neuzen op dit moment constructen bedacht die we pas over enkele jaren doorhebben en gaan verbieden. Dat spel van zet en tegenzet gaat voortdurend door. Wat treurig en misschien wel schokkend is aan onze westerse economieën, is dat we 10 jaar na de grote crisis nog geen goede oplossing hebben voor het versterken van de reële economie en voorkoming van groei alleen in de financiële economie.

 

De reële- en de financiële economie

De reële economie is de economie van goederen en diensten. Als een bedrijf auto’s maakt, dan is daar personeel voor nodig, die weer koopkracht krijgt om spullen te kopen. Het bedrijf moet spullen inkopen bij andere bedrijven om de auto’s te kunnen maken. Dat levert daar werk op, inkomen en koopkracht. Op die manier functioneert de economische kringloop het beste. Maar als het grote geld niet investeert in goederen en diensten, maar in beleggingen en vastgoed, dan ontstaat er iets heel anders. Dan ontstaat er niet zo’n kringloop van produceren, banen scheppen, loon betalen, inkomens realiseren, koopkracht om weer spullen kopen enz. Hetzelfde product wordt in een krappe markt alleen maar meer waard, waar niet een hele keten van profiteert, maar een enkeling. Dat geldt ook voor vlucht in beleggingen. Het drijft prijzen op die tot bubbels kunnen leiden en vervolgens weer uit elkaar klappen. Hoogleraar Economie, Dirk Bezemer, heeft over de problematiek van schuld een mooi filmpje op you tube gezet: https://www.youtube.com/watch?v=ctLc31foiZE.

Dat was 2013, 5 jaar na de crisis. We zitten nu 10 jaar na de crisis. De Nederlandse economie draait weer zeer behoorlijk, het BBP groeit weer, het begrotingstekort van de overheid is weggewerkt, de staatsschuld zit weer onder de 60% van het BBP, de werkloosheid is laag, de huizenmarkt was toen nog in mineur, nu lijkt die oververhit te zijn, maar het probleem van schuld is nog niet verbeterd. De belangrijke les van de noodzaak van het inkrimpen en beperken van de financiele wereld en zorgdragen voor slimmere investeringen in de reële economie zijn nog niet geleerd, laat staan omgezet in acties. Er is nog veel te doen!

 

En de cijfers anno 2018: