Michiel Verbeek

09 jan

Op dinsdag 6 januari 2015 mocht ik aan twee 6 VWO-klassen van het Alfa College een gastles economie geven. De centrale vraag was: waarom kwakkelt onze economie toch zo? Waarom krijgen we de economische kringloop niet aan de loop?

Ik heb vier thema’s behandeld:

  1. De economie heeft nog steeds last van de financiële crisis van 2008.
  2. De wondere wereld van geldschepping en de banken die bezig zijn met leningen af te houden en af te stoten.
  3. We investeren vaak niet in de goede dingen.
  4. De Europese politiek kan de economie helpen, maar doet het niet!

1.De financiële crisis van 2008 

De huidige Nederlandse en Europese economie is nog steeds niet hersteld van de financiële crisis van 2008. Toen is er zo’n 6.000 miljard euro wereldwijd verdampt. Waardes van beleggingsproducten, vastgoed enz. gingen op in rook. Achter dat astronomische bedrag zaten erg veel inkomens en dus koopkracht. Dat is in een kort tijdsbestek verdwenen.

2.De wondere wereld van de banken

De tweede reden van een kwakkelende economie is dat banken moeilijk doen. Om te begrijpen wat de banken aan het doen zijn, moet je stilstaan bij het fenomeen geldschepping. Stel je hebt een miljoen euro nodig voor het starten van een bedrijf. Als de bank er vertrouwen in heeft, dan kan de bank via de computer 1 miljoen euro uit het niets creëren. Alleen banken kunnen dat. Hoe kan dat? Banken hebben een hele speciale positie in onze economie. Zij zorgen met geld voor het smeermiddel van de economie. In de tijd van de crisis hadden banken maar 1 euro eigen geld nodig om 100 euro uit te lenen. Als gevolg van de financiële crisis zijn de eisen aan banken strenger geworden. De factor 1 op 100 is gewijzigd in 4 op 100. Met andere woorden, banken moeten veel meer dekking hebben tegenover hun uitleningen. Het wordt heel moeilijk voor nieuwe leningen, maar ook voor bestaande. Banken proberen momenteel leningen af te bouwen, omdat ze onvoldoende dekking hebben. Banken worden opeens heel streng. Betaal je je rente niet op tijd, kan de bank het je heel moeilijk maken. Terwijl nu bedrijven risicodragend geld nodig hebben, doen de banken moeilijk.

3. We investeren niet in de goede dingen

De leerlingen moesten 1 miljoen euro investeren. Er waren vier mogelijkheden: een fabriek voor zonnepanelen, een sportwagen, een huis of een aandelenpakket van Facebook. Met deze voorbeelden probeerde ik aan te tonen dat sommige investeringen alleen tot gevolg hebben, dat het waarde verhogend is en eenmalig effect heeft op de economie. Wil de investering effect hebben op de economie en dus de economische kringloop aan de loop krijgen, dan is alleen een investering in de reële economie nuttig. Een investering in de reële economie zorgt voor een stroom van inkomsten waardoor de economische kringloop aan de loop kan raken. Een investering in vastgoed en financiële producten bewerkstelligen geen stroom van inkomsten.

4.De Europese politiek helpt niet

Hoe krijg je nu de economische kringloop aan de loop? De export kan helpen. Met een goedkope euro en een hele lage olieprijs is daar iets van te verwachten, maar storm loopt het nog niet. De roep om loonsverhoging van vakbonden en sommige economen helpt consumenten aan koopkracht, maar waar moet dat hogere salaris vandaan komen? Precies van de producenten. En die kunnen dat helemaal niet betalen. Dus geen goed idee! Verlaging van de kosten van arbeid kan de consument meer koopkracht opleveren zonder dat dat betaald wordt door producenten. De verlaging van arbeidskosten gaat dan ten koste van de inkomsten van de overheid. En dan komt Europa in beeld. De afspraken in Europa houden regeringen in de klem. Het begrotingstekort mag niet lager dan -3% van het BBP (Bruto Binnenlands Product) en de staatsschuld mag eigenlijk niet hoger dan 60% van het BBP. Vrijwel alle Europese landen zitten vlakbij de grenzen of zijn nog met een hervormingsprogramma bezig om er in de buurt te komen. De Europese overheden zitten dus allemaal klem. Een voor de hand liggende oplossing wordt onmogelijk gemaakt door de Europese politiek!

3x verkeerd aanvullend beleid


Dit is nog niet alles. De huidige Nederlandse regering voert momenteel op twee fronten beleid, dat de boel alleen nog maar slechter maakt. Beleid op de woningmarkt en de arbeidsmarkt.  Minister Lodewijk Asscher wil om politieke redenen af van onzekerheid voor mensen met tijdelijke contracten. Tot 1 januari 2015 mocht een werkgever een medewerker 3 jaar een tijdelijk contract geven. Veel bedrijven maakten daar gebruik van door 3x een jaarcontract aan te bieden. Dat vindt Asscher te lang. En wat doet hij? Hij beperkt het tot 2 jaar. Lijkt sympathiek, maar is het niet. Gevolg is dat iemand na 2 op straat staat in plaats van 3 jaar en een jaar minder heeft om toegevoegde waarde te bewijzen voor het bedrijf. Het zal voor werknemers een structureel negatief effect krijgen. Bedrijven zullen steeds vaker werkzaamheden anders gaan organiseren, zodat er een hoeveelheid werk komt dat altijd met tijdelijke krachten ingevuld kan worden. En wat zal er gebeuren als dit fenomeen gaat optreden? Ik vrees weer strengere maatregelen.

Transitievergoeding bij ontslag

Een andere maatregel van Asscher die ook averechts helpt is de aanpassing van het ontslagrecht. Sinds jaar en dag waren er twee opties: ontslag via de UWV en ontslag via de Kantonrechter. Voor veel bedrijven was de Kantonrechtersformule een duidelijke en snelle oplossing met veel aandacht voor een fatsoenlijke oplossing voor de werknemer. Hoe ouder je was en hoe langer je bij de werkgever werkte, hoe meer ontslagvergoeding men kreeg. Grootschalige ontslagen om bedrijfseconomische redenen gebeurden via het UWV. Gaat het UWV akkoord, dan zijn er geen ontslagvergoedingen nodig. Asscher vond de tweedeling in het systeem niet eerlijk voor de lagere inkomensgroepen. Die kregen immers vrijwel nooit een ontslagvergoeding. In al zijn wijsheid heeft Asscher gekozen voor bedrijfseconomisch ontslag alleen nog maar mogelijk te maken via het UWV en ontslag om andere redenen (mensen kunnen niet meer goed met elkaar samenwerken) kan via de Kantonrechter. Er is geen ontslagvergoeding meer, maar een transitievergoeding. Die is vastgesteld op: 1/3 deel van een maansalaris per gewerkt arbeidsjaar met een maximum van €75.000.  

Afknijpen van de woningmarkt

Minister Blok knijpt de woningmarkt af met zijn beperkingen op het gebied van hypotheken. Waarom moet de overheid zich eigenlijk bemoeien met het contract van een bank met iemand die geld wil lenen voor een huis? De woningmarkt trekt net een beetje aan. Zou mooi zijn als vooral starters op de woningmarkt ruimte zouden krijgen om een huis te kopen. Zou ook goed zijn voor de doorstroming. De strenge hypotheekregels hebben tot gevolg dat starters langer moeten sparen voor ze de woningmarkt kunnen betreden. Huren slaan ze over, anders kunnen ze niet sparen. Dat is vervelend voor de doorstroming. In 2014 konden starters met een jaarinkomen van 30.000 euro en een rente van 3,25% nog 146.482 euro lenen. Vanaf 1 januari 2015 kunnen ze nog maar 137.018 lenen. Nu kan er nog 103% van de waarde van het huis geleend worden. Blok gaat dat terugbrengen naar 100% in stapjes tot 2018. Als het aan DNB (De Nederlandsche Bank) en het CPB (centraal Plan Bureau) ligt gaat de teruggang door naar 80%. Zou zo maar overgenomen kunnen worden door de beleidsmakers! Allemaal plannen om de private schuldenberg terug te dringen. Vanaf 1 juli 2015 wordt de NHG (Nationale Hypotheek Garantie) versoberd. Van 265.000 euro naar 245.000 euro. Dat betekent voor starters onherroepelijk een hogere rente bij de bank. De zoveelste verslechtering! Grappig is het toch dat we op het gebied van zorg en welzijn proberen oplossingen te vinden op maat gesneden en op het terrein van hypotheken krijgen banken en geldleners niet de mogelijkheid een oplossing op maat samen te stellen. De alwetende overheid zal jouw als onbezonnen lener wel even in bescherming nemen! Wat een onzin! Hier moet de overheid zich gewoon niet mee bemoeien! Gewoon niet!

Zijn er nog lichtpuntjes?

Het grootste economische blok in de wereld is de Europese Gemeenschap van 28 landen. Daarna komt de Verenigde Staten en als derde: China. Als je niet de hele Europese Gemeenschap neemt, maar alleen de Eurozone van 19 landen, dan zitten we tussen de VS en China in. De economie van de VS is alweer 3 jaren boven het niveau van 2008, het jaar van de financiële crisis. De VS had in het vierde kwartaal van 2014 een economische groei van 5%. China is vanaf 2008 gewoon blijven groeien, maar wel minder sterk. Dubbele groeicijfers heeft China al een paar jaar niet meer, maar 7,5% mag er nog steeds zijn!  Het helpt ook Europa als de VS en China goed gaan. Exporterende landen in Europa hebben daar baat bij. Maar de wereldgroei is te weinig om de economische kringloop in het Eurogebied blijvend in de versnelling te krijgen. De directeur van ECB (Europese Bank), Mario Draghi, doet alles wat hij kan om geld in de economie te brengen. De voorzitter van de Europese Commissie, Jean Claude Juncker, heeft een moedig initiatief genomen om te komen tot een investeringsagenda. De economische kringloop kan alleen een zwieper krijgen door de overheid. Daarvoor zullen de Europese staatshoofden een slim plan in elkaar moeten draaien waarbij een investeringsprogramma terecht komt in de reële economie en de begrotingstekorten en staatsschulden tijdelijk door de bestaande grenzen mogen gaan. Als de aanpak slaagt zullen de tekorten weer ingelopen kunnen worden om de simpele reden dat de overheid met stijgende belastinginkomsten profiteert van de zwieper van de economische kringloop.

Meer pensioengeld naar de reële economie

Er is misschien nog een mogelijkheid voor Nederland om de economische kringloop aan de loop te krijgen. Een groter deel van onze gezamenlijke pensioengelden zouden geïnvesteerd moeten worden in onze reële economie. Niet via dwang, maar wel via verleiding. Met elkaar hebben we zo’n 1.200 miljard euro in de pensioenpotten zitten. Een groot deel wordt in het buitenland belegd en er zit veel geld in beleggingsproducten en vastgoed. En dat zou anders moeten. Pensioenfondsen willen dat misschien wel, maar voor hun pensioengerechtigden willen ze een hoge vergoeding voor hun belegging. En daardoor gaat er eerder pensioengeld naar een buitenlands vastgoedproject, dan naar een binnenlands product in de Nederlandse reële economie. Hier zou de overheid meer moeten doen in de vorm van garanties. Kom op pensioenfondsen, maak een investeringsfonds. Laten we beginnen met 5% van de pensioenpotten. Dan is er een budget beschikbaar van 60 miljard euro. Daar moeten we een mooi begin mee kunnen maken.  

Michiel Verbeek, 9 januari 2015

Hier kun je de presentatie van de gastles bekijken: Alfacollege_Waarom de economie niet een beetje beter_versie5_20150106.pdf

Plaats een reactie

* Verplicht

Uw naam *
E-mailadres * (Uw gegevens worden met zorg bewaard en niet gepubliceerd of verstrekt aan derden)
Vertificatiesleutel
Captcha
Neem bovenstaande vertificatiesleutel over *
Bericht *